Sint Petrus Parochie Leiden

Kerkgebouw

Geschiedenis en rondleiding
Door Pier Tolsma

Geschiedenis

De naam van Sint Petrus is minstens sinds 1121 met de stad Leiden verbonden. Toen kwam bisschop Godebald naar Leiden om de Pieterskerk in te wijden. Dat Sint Petrus nog steeds de patroon van Leiden genoemd mag worden, is te zien aan de alom aanwezigheid van de Leidse sleutels. De sleutels zijn het symbool van Petrus in zijn rol van eerste paus.

Met de reformatie kwam er een einde aan de openbare rol van het katholicisme en vonden de bijeenkomsten van katholieken plaats in de zogenaamde schuilkerken. Tot in de negentiende eeuw heeft dit fenomeen bestaan. Uiterlijk niet als kerk herkenbaar, maar aan de binnenkant volop ruimte voor vormgeving en kerkelijke kunst zoals dat binnen de katholieke kerk gebruikelijk is. Rond de schuilkerken ontstonden de zogenaamde staties. Een daarvan kende als patroon Sint Bonifatius. Uit deze in 1670 gestichte statie aan het Utrechtse Veer komt de huidige Sint Petrusparochie voort. In 1677 werd het huis op de hoek van de Hogewoerd en de Sint Jorissteeg, genaamd “De Kachel”, als kerk in gebruik genomen. Wegens het verbreden van de Sint Jorissteeg is deze kerk afgebroken.

In 1836, toen de katholieken weer echte kerken mochten bouwen, werd de nieuw gebouwde Sint Petruskerk ingewijd. Aan de Langebrug (in de door de buskruitramp in 1807 ontstane “Ruïne”) was een zogenaamde waterstaatskerk (zoals ook de Hartenbrugkerk) gebouwd. Deze naamgeving kwam door de betrokkenheid van de architecten van Rijkswaterstaat bij de inhaalslag die er op het gebied van katholieke kerkenbouw plaatsvond. Dat in 1836 Sint Bonifatius als patroon ingeruild werd voor Sint Petrus mag mogelijk ook gezien worden als het afstand doen van de rechten op de Pieterskerk en zo als een acceptatie door de katholieken van de ontstane situatie. In 1933 brandde deze oude Petruskerk vrijwel geheel uit. Nu zetelt de brandweer op deze plaats. De voorgevel bevat nog steeds een aantal elementen van de oude kerk.

Het kerkgebouw

Na de brand werd besloten de kerk niet op dezelfde plaats te herbouwen, maar deze te plaatsen te midden van de reeds in uitvoering zijnde zuidelijke stadsuitleg. De architecten Kropholler en Van Oerle ontwierpen een compleet geheel van kerk, pastorie, twee lantaarns en een zestigtal huizen in de stijl van de Delftse school. Het geheel heeft nog steeds haar oorspronkelijke aanzien en is tegenwoordig rijksmonument.

De plattegrond van de kerk beantwoordt aan Krophollers idee van een korte, brede kerk in plaats van een lange, smalle. Hierdoor hebben alle aanwezigen goed zicht op het altaar. Bij de verbouwing van het interieur in 1990 is dit nog versterkt. De vormgeving van zowel in- als exterieur is een voorbeeld van Krophollers visie dat de hedendaagse bouwkunst aan moet sluiten de oude inheemse bouw. Verwant aan de Delftse school is er gekozen voor het gebruik van fraaie natuurlijke materialen, waardoor dure beschilderingen en bedrieglijke elementen als schijnvoegen vermeden worden. Het gebruik van de op kloostermoppen gelijkende Ouderzorgsteen is mede oorzaak van het stoere karakter van de kerk.

De in de oorlog verdwenen klokken werden in 1947 door vijf nieuwe vervangen. In 1960 werd de ondertussen bouwvallige dakruiter boven het priesterkoor verwijderd. Het plan om in een latere fase alle vensters met gebrandschilderd glas te vullen, is slechts ten dele uitgevoerd. In 1958 werd de reeds bij de bouw geplande Liduïnakapel toegevoegd. De sacristie werd in 1968 verbouwd tot dagkapel. Na een jarenlange tussenoplossing werd in 1990 het hoofdaltaar vanuit de absis naar het middenschip verplaatst overeenkomstig de hedendaagse liturgische opvattingen. De doopvont werd midden in de kerk geplaatst. Tevens werd de koorzolder vergroot en met glas werd achterin de kerk een ontmoetingsruimte afgescheiden. In 1996 werd boven de ingang een door de Leidse kunstenaar Irene Prinsen (www.isprinsencreator.com) vervaardigde afbeelding van Christus en Sint Petrus aangebracht. In 1998 werd een uitgebreid onderhoudsproject afgesloten met de plaatsing van een nieuw kruis op de toren.

Naast de door Kropholler ontworpen kerkmeubels, tabernakel met afbeelding van een pelikaan en een vis met broodkorf, hoofdaltaar en kroonluchters kent de kerk door Pieter Geraerdts geschilderde kruiswegstaties, glas-in-loodramen met afbeeldingen van Petrus en Paulus van Han Bijvoet, een tegeltableau met de H. Antonius van Felix Timmermans, een zes meter hoog kruisbeeld van Gerhard Janssen en beelden van de H. Maria met Kind, Sint Joseph en van de H. Theresia van Albert Termote. Het H. Hartbeeld en het beeld van Paus Pius X zijn van Dom van de Meij. De kerstgroep die in de sacristie hangt is ook van Gerhard Janssen.

A.J. Kropholler

Hoewel A.J. Kropholler en Ir. H.A. van Oerle gezamenlijk als de architecten van de kerk te boek staan, hebben we hier ontegenzeggelijk met een echte Kropholler te maken. De in 1881 te Amsterdam geboren Alexander Jacobus Kropholler was, afgezien van de timmeropleiding aan de ambachtschool, een autodidact. In 1908 werd hij in navolging van Jan Toorop katholiek.

Na tien jaar samenwerking met Staal ging Kropholler in 1910 zelfstandig verder. Hoewel een leerling van Berlage (Amsterdamse school) behoort het werk van Kropholler tot de Delftse school. Opvallend zijn de herkenbare en zichtbare constructies en de uitstraling van de functie waarvoor het bouwwerk bestemd is. Eind jaren twintig is de stijl van Kropholler geheel tot ontwikkeling gekomen. Het complex rond de Leidse Petruskerk is dan ook typerend voor het werk van Kropholler.

Andere werken van Kropholler in de omgeving zijn: raadhuizen in Noordwijkerhout (1930), Wateringen (1939) en Leidschendam (1940) en kerken in Beverwijk (1914), Scheveningen (1917), Den Haag Wassenaarseweg (1919), Amsterdam Hagedoornplein (1921) en Linnaeushof (1924).

Een volledige beschrijving van het interieur van de St. Petruskerk is geschreven door L.C.J. Roozen en P.Rijsbergen en is te vinden in de jubileumuitgave van 10 maart 2006, ter gelegenheid van de 70ste verjaardag van de kerkwijding. Het boekje is getiteld "St. Petruskerk-Leiden. De Kerk Buitenste-Binnen" en is tegen een vergoeding te verkrijgen via het secretariaat. Recent is het boek verschenen "De Sint Petrus in de Sleutelstad" isbn 978-90-9026554-4 Dit boek is verkrijgbaar bij boekhandel de Kler aan de Breestraat te Leiden. 

Donaties aan de parochie

Naast de personeelskosten en de vaste kosten voor de eredienst, catechese en de diaconie, kost ook het onderhoud van het monumentale gebouw het nodige geld. Daarom zijn donaties altijd welkom! Ook is het mogelijk de parochie in een testament op te nemen of een legaat aan de kerk na te laten.
Informatie daarover bij de penningmeester dhr. Henk.L.M. Snijders; tel .071-512.55.26

Bij voorbaat hartelijk dank voor uw steun!

NL04 INGB 0002 5541 52
t.n.v. HHPP Sint-Petrus kerkbijdragen, Leiden.

Ter informatie: Giften zijn aftrekbaar!

Katholiek worden?
Dopen
Trouwen
Biechten
Ziekenzalving
Bij overlijden
Dopen  |  Trouwen  |  Biechten  |  Ziekenzalving  |  Bij overlijden      ©2012 St. Petrusparochie